De hutspot van David Carson

david carson design
Foto: Eric Blom
Tot in de laatste pixel gemanipuleerd beeld, twaalf verschillende (vaak zelf ontworpen) lettertypen die elkaar op één pagina vertrappen. Begin jaren negentig ontketende David Carson vanaf het strand in Californië een typografische revolutie. Niet gehinderd door enige grafische opleiding, ondernam de Amerikaan een ziedende speurtocht naar de grenzen van de gedrukte media. Het resultaat van zijn inspanningen werd door Neville Brody bestempeld als ‘the end of print.’ Het transformerende werk dat Carson maakte voor cultbladen als Transworld Skateboarding, Surfer, Beach Culture en popmagazine Ray Gun krijgt in retrospectief steeds meer betekenis. Over de hele wereld geeft hij lezingen en workshops. Maar hoe luid de loftrompetten ook schallen, de entree van zijn studio in New York is eenvoudig, zo ontdekte ik toen ik bij hem op bezoek ging.

Hutspot van uitzinnige beeldelementen
Een groot lelijk gebouw in midtown Manhattan. In de hal hangt een bord dat eruit ziet als de spijskaart van een voetbalkantine, dansende witte letters van rubber geklemd in zwarte gleufjes. Zijn naam, die een merkwaarde van miljoenen vertegenwoordigt, staat er opvallend onopvallend tussen de tientallen andere bedrijfsnamen. De man die de wereld een hutspot van uitzinnige beeldelementen voorschotelt, verschuilt zich als een kameleon tussen de levenloze standaardtypografie die ook voor de aanpalende boekhouder en stomerij wordt gebruikt. Het eerste teken des onderscheids hangt op de tweede verdieping, naast de voordeur van zijn kantoor. Een geel bord, type kentekenplaat, met ‘DC Design’ erop.
“Dat bordje moet met een soort superlijm aan de muur vastzitten,” glimlacht Carson nadat we handen hebben geschud. “Elke design-student die bij mij langs komt, en dat zijn er nog steeds heel veel, probeert het er namelijk af te trekken. Maakt me niet uit hoor, ik zou zo’n souvenir ook inpikken als ik de kans kreeg. Voor mij is het om een andere reden belangrijk of het er nog hangt: zodra het bordje weg is, is het tijd om mijn kamp hier op te breken en verder te trekken.” Dat laatste zal niet overdreven veel moeite kosten. Op een zitbank, wat posters en twee bureaus met Apples na is Carson studio vooral leeg. De ontwerper is er bijzonder trots op dat hij nog steeds een éénpitter is.

david carson design
Foto: Eric Blom

En nu ben je zelf een merk geworden.
“In zekere zin wel ja. Maar laten we het vooral niet overdrijven. Ik ontwikkel mezelf nog steeds, ik ben nog altijd op zoek naar nieuwe dingen. En, merk of niet: ik zit hier gewoon elke dag te werken hoor. Als ik de straat op ga, word ik niet herkend. Op internet weten ze me wel al te vinden. Ik hoorde van de jongen die met m’n website bezig is, dat mijn under construction-pagina al 50.000 hits per dag krijgt. God ja, er is buiten een publiek voor me, denk ik dan verbaasd.”

Hebben we het hier over de veelbelovende nieuwe internet start-up, www.DavidCarson.com?
“Nee, over DavidCarsonDesign.com. Je zult het niet geloven maar de domeinnaam DavidCarson.com is ingepikt door een andere David Carson, ook een ontwerper. Hij zit ergens in de Mid-West, dat kun je aan zijn werk zien. Vrij alledaags. Zijn site bestaat al jaren, genereert enorm veel traffic die voor mij is bestemd. Op zijn site staat wel vermeld dat hij niet ‘de beroemde David Carson’ is, dat moet ik hem nageven. Maar toch ontstaan er allerlei misverstanden. Ik moet volgende week in Korea optreden. De mensen die het programma van die workshop samenstelden, surften naar DavidCarson.com, haalden allerlei werk uit zijn portfolio en plakten dat in het programmaboek naast mijn foto.” Daverende lach waar hij met een verschrikte grijns uit ontwaakt, zich realiserend hoe het gesprek begon. “Nee dus. Ik ben er nog niet aan toe mezelf te zien als een old hat. Kijk maar om je heen. Ik heb het druk, ik doe nog steeds alles in m’n eentje, ik print pagina’s uit, ik ontwerp advertenties. It’s too simple to say that’s it’s over.”

In de tijden van Ray Gun beschreef je het maken van tijdschriften als een sociologische ervaring.
“Oh, absoluut. Dat was ook de reden waarom ik met magazines begon te werken. Als ik schoenendozen of schoonmaakmiddelen was gaan ontwerpen, zou ik me waarschijnlijk snel zijn gaan vervelen. Tijdschriften ontwerpen heeft een maatschappelijke context, dat was wat me erin aantrok. Een artikel lezen, naar de muziek luisteren die erin werd beschreven en dan proberen tekst en geluid te interpreteren, te vangen in vormen. Wauw, dit is, eh, woede! Hoe kan ik die woede op papier overbrengen? Dat proces, begrijp je?”

[symple_heading type=”h2″ title=”‘Ik, de ongeschoolde, doe de dingen omdat ik denk dat het zo goed is. That’s all'” margin_top=”20px;” margin_bottom=”20px” text_align=”left”]Je werkte als docent. Hoe ontdekte je dat je geinteresseerd was in ontwerpen. Koos je een bijzondere typografie als je rapportcijfers moet uitreiken?
“Zoiets ja. Weet je, mijn studenten interesseerden zich niet of nauwelijks voor de stof die ik te bieden had. Nou ja, ze interesseerden zich überhaupt niet voor school. Dus, om toch hun aandacht te krijgen, begon ik mijn lessen in, laat ik zeggen, een meer opvallende manier op het schoolbord te krijten. Compleet maffe letters, gekke kleine illustraties. Als ik het bijvoorbeeld over de ontdekking van de Nieuwe Wereld had, vertelde ik over Columbus terwijl ik een geinig klein bootje tekende en in koeienletters WERELD op het bord kalkte – zo groot dat je niet meer kon lezen wat er stond. En ondertussen deed ik alsof mijn neus bloedde, zo van ‘Hee, wat is er aan de hand? Waarom lachen jullie jongens?’ Het sloeg zo aan dat ik ze in hun proefwerken mijn schrijfstijl overnamen! Ook nu nog, als ik een praatje houd, probeer ik dat op een onderhoudende manier te doen. Maar goed, ik had dus wel plezier in dat leraarschap. De uren waren prima, ik had tijd om te gaan surfen. Wat mijn leven veranderde, was een kaartje dat ik op een dag tussen de post vond. Het was een uitnodiging, gericht aan senior studenten van de high school waar ik les gaf, om deel te nemen aan tweeweekse cursus grafisch ontwerpen. Ik las het door en dacht ‘hee, dat is ook wel iets voor mij. Dat is een vak dat ik zou kunnen uitoefenen.’ Dus ik belde op en vroeg of je als docent ook kon deelnemen. ‘Waarom niet?’ zeiden ze. Twee weken lang dompelde ik me helemaal onder in grafisch ontwerpen. De cursusleider, Jackson Boelts, was een ontzettend inspirerende vent. Hij is een zeer talentvolle illustrator en bovendien een fantastisch mens, nog altijd een van mijn beste vrienden. Hij schrijft meestal een stukje in mijn boeken. In elk geval, tijdens die workshop ontstak de vuurbal in mijn hoofd. Wauw, dit is wat ik wil! Al mijn energie stopte ik erin. Ik was me er niet eens van bewust dat ik op zoek was naar een nieuwe richting, het overkwam me. Ik zegde mijn baan als leraar op, verhuisde en leefde met nog maar een doel voor ogen, ontwerpen.”

Is dat sociologische element nog altijd in je werk te vinden?
“Jazeker, ik bedoel, dat moet wel. Okay, de parameters zijn veranderd. Ik ontwerp geen pagina’s meer over een rock band, ik ontwerp dingen voor een klant als, bijvoorbeeld, Microsoft. Zij, beter gezegd het agentschap Wieden & Kennedy kwam naar me toe en zei: ‘Dit bedrijf heeft een imago-probleem. Ze worden niet gezien als vriendelijk. Het grote publiek denkt dat ze erop uit zijn de wereld te domineren. Wij willen een merkgerichte campagne ontwikkelen, niet gerelateerd aan een specifiek product, waarin deze negatieve perceptie wordt bijgesteld, waarin de boodschap overkomt dat deze jongens niet zo slecht en kwaadaardig zijn, dat sommigen van hen zelfs een gezin hebben!’ Begrijp je? Met een dergelijke briefing wordt deze klus heel interessant voor mij, want heel erg maatschappelijk gerelateerd. Wauw, dacht ik, dat is intrigerend: hoe kan ik die boodschap op een eerlijke, sobere manier over brengen?”

Microsoft? Jij bent toch een Mac-gebruiker van het eerste uur? Heb je niet overwogen om tegen Gates & co te zeggen: ‘Heel vleiend allemaal maar deze gifbeker laat ik even passeren?’
“Geen denken aan! Stel je voor: ik zit hier letterlijk in dit kantoor, in die hoek daar achter mijn, eh, Apple inderdaad en dan gaat de telefoon. ‘David, ben jij bereid om de wereldwijde corporate campagne voor Microsoft te doen?’ Het eerste wat door me heen ging, was ‘Jesus, dàt is interessant.’ Achteraf moet ik zeggen dat ik op dat moment een tamelijk naïeve blik had op de persoonlijkheid van het bedrijf Microsoft. Ik hield

Toen Neville Brody naar mijn werk voor Ray Gun keek, zei hij: ‘Well, this is the end of print. That’s it.’ Verder gaan was volgens hem onmogelijk. Ik was dat toen, in 1994, niet met hem eens maar nu geloof ik inderdaad dat we in de eerste stadia van het eind van drukwerk zijn aangeland.
niet van ze, ik had geen hekel aan ze maar ik kwam er snel achter dat dit voor veel mensen anders lag. Als ik bij mijn voordrachten mijn werk voor Microsoft laat zien, stijgt er altijd boe-geroep op en krijg ik steevast de vraag hoe ik dit deze klus kan rechtvaardigen. Kijk, als ik daar in vaste dienst zou treden als pak ‘m beet ontwerper van verpakkingsmateriaal, zou ik stapelgek worden. Maar, deze klus, die ik in twee hele intensieve maanden heb afgerond, vond ik echt uitdagend. De eerste weken heb ik me helemaal op het bedrijf gestort. Wie zijn ze? Waar staan ze voor? Wat willen ze? Dat is mijn manier van werken. De nestgeur opsnuiven, mensen spreken. Ik moet dat zelf doen, ik kan dit onderdeel niet uitbesteden. Mijn werk is geen systeem dat je kunt overdragen of vermenigvuldigen! Mensen hebben vaak tegen me gezegd dat ik genaaid werd door collega’s die mijn werk plagieerden. Ik ben het daar nooit mee eens geweest. Sterker nog: het kan me niet schelen, ze doen maar. Philip Meggs, een hoogleraar grafische vormgeving die het voorwoord schreef in mijn boek Fotografiks (verschenen in 1999, HH), zei daarover: ‘This book reinforces the whole idea how easy it is to copy Carson… badly.’ Daar ben ik het helemaal mee eens. Ik bedoel, bij elk grafisch werk waarin de tekst niet te lezen is, denken mensen ‘oh, dat is dat trucje van Carson.’ Ik werk vanuit een intuïtief gevoel, wat ik maak is een heel subjectieve interpretatie die voortkomt uit research, uit diepte. Als een vormgever het uiteindelijke resultaat van iets, dat ik onder bepaalde omstandigheden heb gemaakt, verplaatst naar een andere setting, werkt dat zelden. Het zou kunnen dat het werkt, maar negen van de tien keer ziet het er niet uit. En dat komt omdat aan mijn finale vorm een geschiedenis voorafgaat die mijn navolgers niet kennen. Mensen die vluchtig naar mijn werk kijken, nemen aan dat ik maar even wat doe,”
Carson schetst met driftige gebaren krassen in de luchtledige, “en hup, dat ziet er weer cool uit! Maar zo is het nooit gegaan. ‘Hij schendt regels,’ zeiden de mensen over mij. Ook niet waar. Ik, de ongeschoolde, doe de dingen omdat ik denk dat het zo goed is. That’s all.”

Weegt een autodidact het ethisch gewicht van zijn werk?
“Zeker, en na die afweging heb ik nog steeds geen moeite met werken voor Microsoft. Elke ontwerper moet voor zichzelf beslissen waar hij de grens trekt. Vooral de laatste jaren is ethiek een heet hangijzer geworden. Collega’s van mij hebben zelfs een manifest uitgegeven waarin ze ontwerpers oproepen hun talent niet langer te verkwisten aan reclame maar zich in te zetten voor sociale actie… Nobel initiatief hoor, maar ik onderschrijf zoiets niet. Ik heb geen problemen met het bestaan van reclame, zolang je geen produkten aanprijst waarmee je andere mensen pijn kunt doen. Kijk, als er een bedrijf naar me toe zou komen met de vraag: ‘Luister, onze verkoop is een beetje ingezakt, we hebben een advertentie nodig die laat zien dat het weer helemaal cool is om een pistool te dragen,’ dan zou ik weigeren. Maar ik heb wèl advertenties voor drank gemaakt, ik heb zelfs aan advertenties voor sigaretten gewerkt.”

david carson designHangt drukwerk als verschijnsel straks in het museum? Met andere woorden: hoe ver zijn we verwijderd van het definitieve eind van ‘print’?
“Een van de nieuwe projecten waar ik nu aan werk, is de heruitgave van de complete werken van Marshall McLuhan. Het eerste project is een nieuw boek met vijfhonderd pagina’s citaten of, zoals McLuhan ze noemde, probes. Ik ga al die citaten interpreteren in vormen, erg opwindend om te mogen doen! McLuhan schreef vòòr het tv-tijdperk, vòòr de doorbraak van computers maar echt, wat hij zegt is zo dodelijk nauwkeurig. Een zijn theorieën stelt inderdaad dat een communicatie-methode waarvan de relevantie wegvalt, een vorm van kunst wordt. De titel van mijn boek was tegelijk een vraag én een verklaring. Want we bevinden ons in een overgangsfase, daar ben ik van overtuigd. Toen Neville Brody naar mijn werk voor Ray Gun keek, zei hij: ‘Well, this is the end of print. That’s it.’ Verder gaan was volgens hem onmogelijk. Ik was dat toen, in 1994, niet met hem eens maar nu geloof ik inderdaad dat we in de eerste stadia van het eind van drukwerk zijn aangeland. Het zit ‘m in allerlei kleine signalen, zo las ik laatst dat de meeste jongeren lezen hun dagelijks nieuws niet meer via de krant maar via de computer lezen. Meer dan ooit lijkt het erop dat aan het begin staan van een fundamentele verandering in de manier waarop wij informatie tot ons nemen. Even terzijde: een paar jaar geleden raakte ik in Brazilië in gesprek met een uitgever. Zijn concern publiceerde meer dan vijftig tijdschriften en kranten. Ik vroeg die man of hij zich kon voorstellen dat papier als informatiedrager zal verdwijnen en tot mijn verbazing zegt hij voluit ja. ‘Is het realistisch om je voor te stellen dat een kind dat vandaag geboren wordt over vijftig jaar nog steeds een veel te grote krant op pakt om te lezen wat er in de wereld om haar heen is gebeurd? Nee! Nu verdien ik daar m’n geld mee maar ik zal wel gek zijn om die persen maar te laten draaien in de veronderstelling dat er nooit iets gaat veranderen!’ Ik vond dat een heel interessante observatie, voor een uitgever. Let wel, de rol van drukwerk zal verminderen maar drukwerk zal niet verdwijnen. In mijn praatjes zeg ik soms gekscherend dat The End Of Print aan zijn vijfde druk bezig is! Weet je, zelfs als ik een commercial maak, print ik mijn ontwerpen uit, leg de vellen op de vloer en ga er mijmerend om heen lopen. Ik kan niet alleen vanaf een scherm werken, ik heb die oriëntatie van drukwerk nodig. Toch geloof ik dat die boektitel accuraat was. Kijk maar eens in welke onderdeel van grafische vormgeving je nu het meeste ziet gebeuren? In elk geval nìet in print. Op dat gebied gebeurt er verdomd weinig waarvan je zegt ‘hee, interessant!’ Misschien is dat gebrek aan dynamiek ook de reden waardoor ik zo lang door kan gaan. Er is toch niet één individu in mijn voetsporen getreden? Er zijn genoeg goede ontwerpers, dat zeker, maar je kunt niet zeggen dat Neville Brody en ik echt zijn opgevolgd.”

david carson designEen paar jaar geleden beoordeelde je werk uit Europa als vrijer en interessanter dan wat er in Amerika werd gemaakt.
“Ik geloof dat ik dat oordeel vooral baseerde op Dutch design. Nederland werd toen in alle bladen omschreven als het walhalla voor ontwerpers. De regering daar leek het belang van vormgeving echt te begrijpen én te waarderen! Postzegels, geld, posters – het zag er allemaal spannend uit. Maar op de een of andere manier is Nederland de laatste jaren buiten beeld geraakt. Londen is zeer consistent als dè plek waar tegelijk experimenteel en degelijk werk wordt gemaakt. Ik verwacht ook veel van Duitsland. De laatste jaren heb ik veel workshops gedaan daar en het viel me op hoe ver de Duitsers technologie hadden geïntegreerd in hun werkwijze. Dat ze er zo vroeg bij waren, zal zich straks gaan uitbetalen. De situatie in Amerika is erg gefragmenteerd. Er worden interessante dingen gemaakt maar ik zie geen echt dominante nieuwe ontwikkeling. Misschien voltrekt die zich wel hoor, maar ik kan er mijn vinger niet op leggen.”

Ben jij een exponent van de print-generatie? Kun je je hersenen opnieuw bedraden voor webdesign?
“Ik zou elke jonge ontwerper aanraden zich volledig op internet te richten, daar gebeurt het natuurlijk. Maar je moet er wel door gefascineerd zijn en eerlijk gezegd ben ik dat niet. Een paar jaar geleden stond ik op een kruispunt. Ik ben ervan overtuigd dat een heleboel collega’s voor dezelfde keuze stonden: moet ik verder in internet en webdesign of in graphics voor tv en film? Ik koos voor de laatste richting. Ik vond het web op dat moment te beperkend, frustrerend. De website die ik ontwierp voor MGM Studios in Hollywood… dat was één grote frustratie! Er stond steeds iemand over mijn schouder mee te kijken. ‘Sorry David, dat kan niet. Sorry David, daar komt een kadertje.’ Ga zo maar door. Maar ik moet zeggen dat ik meer en meer geïntrigeerd raak door het web, ook door mijn werk voor Quicksilver. De beste sites die ik nu zie, zijn gemaakt door print-designers. Zij projecteren hun stijl op het web. Het lijkt erop dat we moeten wachten op een volgende generatie, een generatie die geen besef heeft van wat cool is in print, die webdesign vanuit zijn wezen kan definiëren. De big single individual die deze definitie vorm geeft, zal mij verlossen.”

Carson over stock
“Ik doe altijd veel moeite om het gebruik van stock beeld te voorkomen. In wezen gebruik ik nooit archiefbeelden. Pas de laatste jaren gebeurt het een enkele keer dat ik een heel specifieke beeld gebruik, zoals een plaatje van de Big Ben in Londen. Maar zelfs dan heb ik er moeite mee. Ik heb een drempel in mijn hoofd zitten, ik zou liever niet toegeven dat ik stock heb gebruikt. Als het goed is, zie je dat werk nu bij jullie hangen. Het zijn grote billboards voor Mitsubishi. Het meeste beeld dat ik daarin gebruik, heb ik zelf gemaakt – behalve een plaatje van een telefooncel in Londen. Voor mij is het zelf foto’s maken, een deel van het creatieve proces. Achter de zoeker begint mijn compositie, niet boven de lichtbak van een stockbureau.”

Ruwe citaten over & uit een cv.
Zijn blad Beach Culture, waarvan niet meer dan zes nummer zijn verschenen, ontving liefst 160 internationale prijzen. Het International Center for Photography in New York onderscheidde hem vanwege ‘best use of design with photography.’ Graphics Magazine noemde hem ‘master of typography’. De Italiaans-Amerikaanse ontwerper typeerde hem als de koning van de non-communicatie. Ed Fella hield het op the ‘Paganini of typographers’. In zijn voorwoord Byrne van Carsons boek The End of Print (1995) noteert David Byrne. ‘Davids werk communiceert op een manier die logica en ratio overslaat en direct binnendringt in het hersencentrum dat begrijpt zonder te denken.’ Newsweek schreef dat ‘hij het publieke gezicht van grafisch ontwerp voorgoed heeft veranderd.’ Chronicle Books, Carsons niet geheel objectieve Amerikaanse uitgever, meende dat hij ‘eigenhandig de koers van grafisch ontwerpen heeft verlegd.’ (Een claim to fame die op last van het lijdend voorwerp is gematigd).

Dit interview verscheen eerder in Credits magazine.

Claus, heden en verleden
Boek
Claus, heden en verleden
Peutermanagement
IkVader.nl
Boek
Peutermanagement
Inspiratie
Film
Inspiratie
DARWIN
Filmacademie
Film
DARWIN
Pulse Urban Projects
Pulse
Web
Pulse Urban Projects
Op zoek naar de Via Appia
Reizen magazine
Reportage
Op zoek naar de Via Appia
Goed Gevoel
Tijdschriften
Goed Gevoel
Men’s Health
Tijdschriften
Men’s Health
Man of all Seasons
Tijdschriften
Man of all Seasons
Faillissementsdossier.nl
Binq Media
Web
Faillissementsdossier.nl
Immovator
Bedrijven, Websites
Immovator
Het Whisky Eiland
Reizen magazine
Reportage
Het Whisky Eiland
ING
Brochure
ING
Brochure
Trailer Babymanagement
IkVader.nl
Boek, Film
Trailer Babymanagement
Hoogvlieger uit het laagland
Service Pers
Reportage
Hoogvlieger uit het laagland
Erotomania
ELLE
Reportage
Erotomania
Het geheim van de kranensmid
Huis magazine
Reportage
Het geheim van de kranensmid
IkVader.nl
Web
IkVader.nl
Rails
Tijdschriften
Rails
ING Bank
Bedrijven
ING Bank
Reizen
ANWB Media
Tijdschriften
Reizen
Panorama
Tijdschriften
Panorama
Humor is serious business
De Zaak
Reportage
Humor is serious business
Boek, Film
Trailer ‘Een kwestie van zelfbehoud’
De hutspot van David Carson
Credits magazine
Interview
De hutspot van David Carson
Aka-pa
Best Life magazine
Column
Aka-pa
Terreur op de werkvloer
De Zaak
Reportage
Terreur op de werkvloer
Hotel Hanssen
Reizen magazine
Column
Hotel Hanssen
De Zaanse verhoor-methode
Panorama
Reportage
De Zaanse verhoor-methode
‘Goede reclame ráákt je’
Credits magazine
Interview
‘Goede reclame ráákt je’
Ingrid & Henk
Nieuwe Revu
Column
Ingrid & Henk
‘Details onthullen het geheel’
Credits magazine
Interview
‘Details onthullen het geheel’
Brief aan Van Gogh
Reizen magazine
Reportage
Brief aan Van Gogh
Chez Ilja
Seasons
Reportage
Chez Ilja
Personal (Af) Branding
Credits magazine
Web
Personal (Af) Branding
Een kwestie van zelfbehoud
De Bezige Bij
Boek
Een kwestie van zelfbehoud
‘Elke gedachte is een trigger’
Credits magazine
Interview
‘Elke gedachte is een trigger’